0 460-377 (vC) Hyppocrates en zijn eed.
![]()
Deel 1: de eed van Hyppocrates
![]()
Deel 2: Hyppocrates, biografie
![]()
Deel 1: De eed van Hyppocrates:
Nederlandse vertaling van de oorspronkelijke tekst:
“Ik zweer bij Apollon de genezer, bij Asclepius, Hygieia en Panacea en neem alle goden en godinnen tot getuige, om naar mijn beste oordeel en vermogen de volgende eed te houden:
Ik zal naar mijn beste oordeel en vermogen en om bestwil mijner zieken hun een leefregel voorschrijven en nooit iemand kwaad doen.
Nooit zal ik, om iemand te gerieven, een dodelijk middel voorschrijven of een raad geven, die, als hij wordt gevolgd, de dood tot gevolg heeft. Nooit zal ik een vrouw een instrument voorschrijven om een miskraam op te wekken. Maar ik zal de zuiverheid van mijn leven en mijn kunst bewaren. Het snijden van de steen zal ik nalaten, ook als de ziekte duidelijk is; ik zal dit overlaten aan hen die hierin bekwaam zijn. In ieder huis waar ik binnentreed, zal ik slechts komen in het belang van mijn patiënten.
Mijn leermeester zal ik eren en liefhebben als mijn ouders; ik zal in gemeenschap met hem leven en zo nodig mijn bezit met hem delen, de kunst leren zonder vergoeding en zonder dat daartoe een schriftelijke belofte nodig is; aan mijn zonen, aan de zonen van mijn leermeester en aan de leerlingen die verklaard hebben zich aan de regelen van het beroep te zullen houden, aan hen allen zal ik de grondslagen van de kunst leren.
Al hetgeen mij ter kennis komt in de uitoefening van mijn beroep of in het dagelijks verkeer met mensen en dat niet behoort te worden rondverteld, zal ik geheim houden en niemand openbaren. Moge ik, als ik deze eed getrouwelijk houd, vreugde vinden in mijn leven en in de uitoefening van mijn kunst, maar moge het tegenovergestelde het geval zijn indien ik hem schend.
Ik zal mij verre houden van iedere welbewuste slechte daad en van elke verleiding, in het bijzonder van de geneugten der liefde met mannen of vrouwen, of zij vrij zijn of slaaf.”
Nederland:
In 1878 werd er in Nederland een artseneed ingevoerd, die was gebaseerd op de eed van Hippocrates. Deze artseneed werd door de KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst) en de VSNU (Vereniging van Samenwerkende Universiteiten in Nederland) in 2003 vervangen door een andere eed. Nog steeds leggen medische studenten een eed of gelofte af op het moment dat zij hun artsbevoegdheid krijgen. Er bestaan verschillende vormen van de artseneed van de grondlegger van de westerse geneeskunde. De huidige eed van de KNMG lijkt — naar de letter van de tekst genomen — weinig meer op de oerversie van de eed van Hippocrates. De strekking blijft echter hetzelfde: respect van de medicus voor het leven, inclusief de dood, die naar de huidige maatstaven voor een arts eveneens onbetwistbaar deel uitmaakt van het humane bestaan.
Artseneed van de KNMG en de VSNU van 2003
“Ik zweer/beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten. Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen. Ik luister en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik zal de geneeskundige kennis van mijzelf en anderen bevorderen. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. Ik zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen. Ik maak geen misbruik van mijn medische kennis, ook niet onder druk. Ik zal zo het beroep van arts in ere houden. Zo waarlijk helpe mij God almachtig / Dat beloof ik.”
Gekozen is voor de algemene formulering “God”, waarbij studenten afhankelijk van hun geloofsovertuiging de naam van hun God in gedachten kunnen invullen.
Een vernieuwing die met deze eed wordt beoogd is dat de arts ook belooft geen misbruik te maken van zijn medische kennis, ook niet onder druk. Dit is toegevoegd met het oog op de Rechten van de Mens uit 1948, met als doel misbruik van medische kennis, zoals dat tijdens de Tweede Wereldoorlog optrad, te voorkomen. Dezelfde zinsnede is echter ook van toepassing op misbruik van kennis door commerciële druk vanuit de farmaceutische industrie.
De huidige artseneed van de KNMG en de VSNU heeft het ten opzichte van de Eed van Hippocrates ook niet meer over euthanasie en (indirecte) abortus.
Het uitspreken van een eed markeert in Nederland en in veel andere landen het einde van de universitaire artsopleiding, maar heeft op zich geen juridische betekenis.
![]()
Deel 2: Hyppocrates, biografie
![]()
Het is een wonderlijke ervaring te weten, dat Hippocrates, priester, arts en filosoof (460-370 jr.v.Chr.) een unieke kijk op gezondheid had.

Hyppocrates tijdens de eerste masaga in de geschiedenis...
The history of massage probably begins before we could properly call ourselves human. We instinctively rub a pain or an ache, we instinctively stroke a bruise. We use touch in healing without thinking about it, which suggests that it’s very, very old.
But in the 5th century BCE Hippocrates, the Greek physician, called it Anatripsis and wrote:
Anatripsis can relax, brace, incarnate, attenuate: hard anatripsis braces, soft relaxes, much anatripsis attenuates, and moderate thickens.’On surgery’ (17) “The physician must be acquainted with many things and assuredly with anatripsis, for things which have the same name have not always the same effects, for rubbing can bind a joint that is too loose, or loosen a joint that is too hard.”
![]()

Hyppocrates van Kos
Hippocrates: ‘De geneeskunst is lang, het leven is kort, de ontmoeting met de arts is vluchtig en zijn proefneming hachelijk, zijn oordeel over gezondheid is moeilijk. Een geneesheer behoort een open oog en oor te hebben voor de leefomstandigheden van de patiënt, de invloed van de jaargetijden, de leeftijd en andere omstandigheden die inwerken op de patient. Hippocrates is voor de medische wetenschap een begrip. Zijn levenswerk heeft door de eeuwen heen tot de verbeelding gesproken.
Zijn naam betekent paardentemmer. Hij wordt beschouwd als de grondlegger, de ‘vader’ van de geneeskunde omdat hij als eerste natuurlijke in plaats van bovennatuurlijke oorzaken voor ziekten zag. Hij was een van de eersten die op basis van lichamelijke symptomen een diagnose kon stellen en daarbij een bepaalde therapie voorschreef. Hij haalde dus de geneeskunde uit de taboesfeer van tovenarij en godsdienst.
Een van de grote verdiensten van Hippocrates is dat hij de medische wetenschap scheidde van het heersende natuurfilosofisch denken. Hij legde sterke nadruk op hygiëne, zowel voor arts als patiënt, op gezonde eet- en drinkgewoonten, het belang van frisse lucht en een natuurlijk verloop van processen in het lichaam.
Hippocrates had een praktijk en een artsenschool op zijn geboorte-eiland Kos, waar hij zijn leerlingen een hoge beroepsmoraal bijbracht. Hij ontwierp een plechtige artseneed waar hij zijn pupillen aan verplichtte en die heden ten dage ook in Nederland door artsen bij hun afstuderen wordt afgelegd. Hoewel er verschillende vormen van de eed bestaan wordt hij nog altijd de ‘Eed van Hippocrates’ genoemd.
Op zijn verre reizen per boot leerde hij de invloeden van het klimaat, het jaargetijde, het samenzijn met allerlei mensen van verschillende leeftijden en culturele achtergronden kennen. Zo kwam hij tot het beschrijven van het menselijk gedrag, de zgn. temperamenten-leer. Het is aardig te weten dat de stormachtige overtocht over de Middellandsche Zee een prikkel is geweest op onderzoek te gaan naar de invloeden van de seizoenen op de menselijke gezondheid, het menselijk gedrag, het karakter en het temperament.
Hij was ervan overtuigd dat gezondheid bij de mens afhing van de balans tussen lichaamssappen; onbalans zou ziekte veroorzaken. Dit wordt de leer der humores genoemd.
De temperamentenleer:
Het menselijk lichaam zou bestaan uit vier soorten lichaamssappen: slijm, bloed, gele gal en zwarte gal. De fysieke en mentale toestand (het temperament) en ziekteverschijnselen werden verklaard uit het bestaande gehalte aan de verschillende sappen.
Een teveel aan slijm (flegma) zou een flegmatisch of kalm temperament tot gevolg hebben;
een teveel aan bloed een sanguïnisch of optimistisch, gepassioneerd temperament;
een teveel aan gele gal een cholerisch of prikkelbaar, opvliegend temperament;
een teveel aan zwarte gal een melancholisch, depressief temperament.
Een onbalans zou behandeld moeten worden met een dieet.
Later werden deze ideeën, die lange tijd grote invloed op de medische wetenschap zouden houden, overgenomen door de invloedrijke Grieks/Romeinse arts Claudius Galenus. Deze zou de theorie verbinden met die van de vier elementen: het flegmatische verbond hij met water, het sanguine met lucht, het cholerische met vuur en het melancholische met aarde.

Hyppocrates weigert zich te laten omkopen
Hippocrates, the central historical figure in Greek medicine during the 5th century BCE, authored a group of medical treatises known collectively as the Hippocratic Corpus. It was Hippocrates who first attempted to separate the practice of medicine from religion and superstition. His Hippocratic Oath was remarkable in terms of the moral standards he sought to establish for the healing profession. Over the centuries, various legends originating in antiquity were repeated reinforcing Hippocrates’ reputation as a man of great skill, integrity and patriotism. According to one of these stories, Artaxerxes appealed to Hippocrates to help cure an epidemic that was ravaging the Persian troops, offering him gold, silver and the highest honors. However, Hippocrates refused to be bribed. By the mid 19th century, this story was understood to be apocryphal.
Reinigende activiteiten
De sleutelbegrippen in onze gezondheidszorg nu, zoals hygiëne, anamnese, observatie, prognose, diagnose en therapie, zijn rechtstreeks van Hippocrates afkomstig. De verwevenheid met de natuur was bij Hippocrates essentiëel. Hij sprak vaak over het belang van schoon water, schone lucht en hygiëne bij de lichaamsverzorging als basis van gezondheid.
De reinigende aktiviteiten stonden bij de behandelingen van Hippocrates in een hoog vaandel, zoals de waterbehandelingen, de massages, het gesprek, de lucht- en lichttherapieën.
Hippocrates: ‘Wie de geneeskunst op de juiste wijze wil beoefenen moet nadenken over de jaargetijden, de werking die ervan kan uitgaan en over de plaats waar iemand woont. Ook maakt het verschil uit of een huis naar de zonsopgang of de zonsondergang gericht is. Zodra de geneesheer meer afweet van de leefomstandigheden, zullen ziekteverschijnselen geen geheimen meer bevatten.’
Hippocrates ging uit van 3 observaties:
1. ziekte wordt veroorzaakt door allerlei omgevingsinvloeden;
2. ziekte wordt opgeroepen door hetgeen men eet en door verstoringen in de vertering van het voedsel. Hippocrates schreef rust, dieet en purgeerkuren (purgeren=braken) voor;
3. ziekte kan men leren begrijpen door na te gaan hoe verschillende krachten in verhouding tot elkaar functioneren.
‘Het menselijk lichaam maakt zelf bloed, flegma (slijm), gele en zwarte gal aan. Deze elementen maken de natuur van het menselijk lichaam uit en via deze voelt de mens zich goed of niet goed in zijn gezondheidsbeleving.
Hippocrates zegt over observaties het volgende: ‘Mij lijkt dat de belangrijkste taak van de geneesheer de observatie is. Zodra de geneesheer erin slaagt de symptomen van de ziekte te herkennen en de zieke kan vertellen wat er met hem gebeurd is en daarop doorvraagt, zal de zieke vertrouwen in hem krijgen. De geneesheer moet dan kijken, luisteren, aanvoelen, weten en zonodig zwijgen.’ Hippocrates had in die tijd al een holistische kijk: ‘Alles staat met elkaar in verband. De natuur en het menselijk lichaam. Ziet de geneesheer dat over het hoofd dan kan er geen sprake zijn van een natuurlijke geneeskunst. Niet de geneesheer maar de natuur geneest. De geneesheer is de dienaar van de natuur. Hij mag alleen maar het natuurlijke proces ondersteunen.’
Hippocrates als psychotherapeut
Hippocrates was ook wat men noemt een psychotherapeut. ‘Het uitbreken van gevoelens bij een patiënt is minder te vrezen dan dat deze dof voor zich uit zit te broeden.’
Hippocrates werd eens geroepen bij koning Perdikkes, omdat deze depressief was. De hofartsen en droomuitleggers wisten er geen raad mee. De koning kon niet meer regeren en het volk maakte zich ernstig ongerust want de koning was zeer geliefd. Hippocrates kwam bij de koning en vroeg hem zijn totale levensverhaal, van zover als diens herinnering ging. Koning Perdikkes vertelde enige jeugdervaringen. Zo kwam hij bij een gebeurtenis op zijn 16e jaar. ‘Op mijn 16e werd ik verliefd op een mooi meisje, Phila. We waren samen heel gelukkig, maakten allerlei toekomstplannen en genoten van elkaars nabijheid. Mijn vader was jaloers op mij en nam na enige tijd Phila tot maîtresse. Onmachtig en diep bedroefd moest ik dit aanzien. Ik wilde iets doen, maar kon het niet. Mijn vader is allang dood, toch heb ik hem niet kunnen vergeven. Ik kan niet meer leven, want deze gedachten zijn gevangen in melancholie.’ Hippocrates zei tegen de koning: ‘Uw geest stond niet toe uw vader te vergeven, als u wilt kan ik u bijstaan dit verdriet te verwerken.’ De koning koos voor de hulp die Hippocrates bood.
Oude en moderne wijsheid
De opvattingen van Hippocrates over ziekte en gezondheid en de holistische kijk op de mens en over de juiste plek van de arts en andere hulpverleners, zijn nog volop actueel. Zijn zienswijze is helemaal van deze en komende jaren.
Het laatste woord is aan Hippocrates: ‘Een wijs mens vat gezondheid (geestelijk, lichamelijk en emotioneel) op als de grootste zegening van de mensheid. Dergelijke wijsheid groeit alleen bij mensen die wensen te leren van alle door henzelf doorgemaakte ziekten, stoornissen en verliesprocessen.’
![]()
Het Asklepion
Het Asklepion is 1000 jaar lang een gezondheidscentrum geweest met een opleiding voor priester/artsen en filosofen. Het was een soort bedevaartsoord waar men offerde voor eigen gezondheid. Het meest stond het Asklepion bekend om de ‘ziekenhuis’ functie. In 1899 deed de Duitse archeoloog onderzoek op die plek en ontdekte de resten van dat ziekenhuis. Op 4 km buiten de stad Kos ligt dit Asklepion op een heuvel. Door twee dichte rijen cypressen gaande gaan de gedachten naar het Asklepion, het hogere. Aangekomen bij de heuvel zien we dat het zeer grote Asklepion uit 3 niveau’s bestaat, verbonden door brede trappen.

Asklepion, reconstructie
Het eerste niveau bereikt men via 24 treden. Hier was een galerij voor het verblijf van patiënten. Er zijn nog vele nissen waar beelden stonden van de goden. Op dit niveau werd de patiënt, die vaak al een lange zeereis achter de rug had, om tot rust en bezinning te komen, slaap, ontspanning en onthouding aanbevolen.
Op het tweede niveau, na 30 treden, zijn resten van tempels van Apollo en Asklepios te zien. Op dit niveau bracht men de offers voor het onderhoud van de priesters. Hier nam men deel aan waterkuren, massages, dieetkuren en het uitspreken van gedachtes en gevoelens.

Op het 3e niveau, na 60 treden, stond de grote tempel van Apollo en kwamen patiënten voor de hypnotische slaap, de droomuitleg en het antwoord op de vraag ‘Wat is de zin van mijn ziekzijn’.

Asklepion heden
Zonder inzicht in de oorzaken van ziekzijn mocht de patiënt het Asklepion niet verlaten. Achter het Asklepion is nu ook nog steeds het zgn. heilige bos. Wanneer de artsen toen geen inzicht kregen in de zieke of ziekten, werden de mensen het bos ingestuurd. Het inzicht kwam daar dan als men zich daarvoor openstelde.
Bronnen:
wikipedia, Hyppocrates van Kos
www.natuurlijk-welzijn.org
Artikel Gerard Maas
Nederlandse vertaling van de oorspronkelijke tekst:
“Ik zweer bij Apollon de genezer, bij Asclepius, Hygieia en Panacea en neem alle goden en godinnen tot getuige, om naar mijn beste oordeel en vermogen de volgende eed te houden:
Ik zal naar mijn beste oordeel en vermogen en om bestwil mijner zieken hun een leefregel voorschrijven en nooit iemand kwaad doen.
Nooit zal ik, om iemand te gerieven, een dodelijk middel voorschrijven of een raad geven, die, als hij wordt gevolgd, de dood tot gevolg heeft. Nooit zal ik een vrouw een instrument voorschrijven om een miskraam op te wekken. Maar ik zal de zuiverheid van mijn leven en mijn kunst bewaren. Het snijden van de steen zal ik nalaten, ook als de ziekte duidelijk is; ik zal dit overlaten aan hen die hierin bekwaam zijn. In ieder huis waar ik binnentreed, zal ik slechts komen in het belang van mijn patiënten.
Mijn leermeester zal ik eren en liefhebben als mijn ouders; ik zal in gemeenschap met hem leven en zo nodig mijn bezit met hem delen, de kunst leren zonder vergoeding en zonder dat daartoe een schriftelijke belofte nodig is; aan mijn zonen, aan de zonen van mijn leermeester en aan de leerlingen die verklaard hebben zich aan de regelen van het beroep te zullen houden, aan hen allen zal ik de grondslagen van de kunst leren.
Al hetgeen mij ter kennis komt in de uitoefening van mijn beroep of in het dagelijks verkeer met mensen en dat niet behoort te worden rondverteld, zal ik geheim houden en niemand openbaren. Moge ik, als ik deze eed getrouwelijk houd, vreugde vinden in mijn leven en in de uitoefening van mijn kunst, maar moge het tegenovergestelde het geval zijn indien ik hem schend.
Ik zal mij verre houden van iedere welbewuste slechte daad en van elke verleiding, in het bijzonder van de geneugten der liefde met mannen of vrouwen, of zij vrij zijn of slaaf.”
Nederland:
In 1878 werd er in Nederland een artseneed ingevoerd, die was gebaseerd op de eed van Hippocrates. Deze artseneed werd door de KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst) en de VSNU (Vereniging van Samenwerkende Universiteiten in Nederland) in 2003 vervangen door een andere eed. Nog steeds leggen medische studenten een eed of gelofte af op het moment dat zij hun artsbevoegdheid krijgen. Er bestaan verschillende vormen van de artseneed van de grondlegger van de westerse geneeskunde. De huidige eed van de KNMG lijkt — naar de letter van de tekst genomen — weinig meer op de oerversie van de eed van Hippocrates. De strekking blijft echter hetzelfde: respect van de medicus voor het leven, inclusief de dood, die naar de huidige maatstaven voor een arts eveneens onbetwistbaar deel uitmaakt van het humane bestaan.
Artseneed van de KNMG en de VSNU van 2003
“Ik zweer/beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten. Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen. Ik luister en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik zal de geneeskundige kennis van mijzelf en anderen bevorderen. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. Ik zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen. Ik maak geen misbruik van mijn medische kennis, ook niet onder druk. Ik zal zo het beroep van arts in ere houden. Zo waarlijk helpe mij God almachtig / Dat beloof ik.”
Gekozen is voor de algemene formulering “God”, waarbij studenten afhankelijk van hun geloofsovertuiging de naam van hun God in gedachten kunnen invullen.
Een vernieuwing die met deze eed wordt beoogd is dat de arts ook belooft geen misbruik te maken van zijn medische kennis, ook niet onder druk. Dit is toegevoegd met het oog op de Rechten van de Mens uit 1948, met als doel misbruik van medische kennis, zoals dat tijdens de Tweede Wereldoorlog optrad, te voorkomen. Dezelfde zinsnede is echter ook van toepassing op misbruik van kennis door commerciële druk vanuit de farmaceutische industrie.
De huidige artseneed van de KNMG en de VSNU heeft het ten opzichte van de Eed van Hippocrates ook niet meer over euthanasie en (indirecte) abortus.
Het uitspreken van een eed markeert in Nederland en in veel andere landen het einde van de universitaire artsopleiding, maar heeft op zich geen juridische betekenis.
Tags: Aam, Acht, ACT, afhankelijk, Amen, Andel, Anderen, Ane, Annen, Apollo, Appen, Archeoloog, artikel, Arts, artseneed, asclepios, asklepion, Behandeling, behandelingen, Best, bevoegdheid, bloed, Boort, bovennatuurlijke, braken, breken, BSE, Chaam, cholerisch, De Stad, Demen, depressie, depressief, diagnose, dieet, doel, Drie, Echt, Echten, ect, Ede, eed, Eede, Eelde, Een, Eerde, Ees, Eiland, Eind, Einde, Elden, Ell, Elp, emotioneel, Empe, Empel, Ens, Enter, Epe, Epen, Erm, Erp, ervaringen, Esch, Est, Filosoof, flegma, flegmatisch, galenus, gedrag, Gees, gele gal, Geloo, Geneeskundige, geschiedenis, gevoelens, God, Handel, Hank, Heden, Hee, Heel, Heer, Heers, Hei, Hem, Heuvel, Hof, Hoofd, Hout, huid, hulp, hygieia, hyppocrates, Ingen, Inner, karakter, Koning, kos, Laar, Laatste Links, lichamelijke, Lies, Loo, Mark, Massage, Melancholie, Middel, Mijze, Min, nederland, Neer, Nes, oath, Oele, Oene, Oler, Onnen, Ool, opleiding, orde, Paal, panacea, pillen, Plaat, po, Pol, Priester, psy, Psychotherapeut, Rakt, Reek, Ressen, Rha, Rijen, Rips, sanguinisch, Site, sm, snijden, Son, soorten, spanning, stoornis, symptomen, Tempel, temperamentenleer, Therapeut, therapie, Tonden, Uden, uniek, Vaart, Val, Ven, verschijnselen, wereld, werk, wet, Wier, Ziekenhuis, ziekte, zwarte gal


